Home
Welkom bij de Hersteld Hervormde Gemeente te Houten

Welkom op de website van de Hersteld Hervormde Gemeente te Houten. Op deze website kunt u informatie vinden over de kerkdiensten, verenigingsleven, kerkelijke activiteiten, gemeente-avonden en nog veel meer. Daarnaast zijn er interessante links te vinden naar diverse, externe, websites.

Voor alle, op de website vermelde data, geldt : "Zo de HEERE wil en wij leven mogen".

Wij wensen u veel leesplezier en hopen u graag te ontmoeten tijdens onze kerkdiensten en/of activiteiten.

 
  • Meditatie

    “Maar ik vertrouw op U, o Heere; ik zeg: Gij zijt mijn God.  Mijn tijden zijn in Uw hand”.
    (Psalm 31: 15, 16a)

    Nu we het nieuwe jaar zijn ingegaan veranderen de omstandigheden niet. Lezer(es) alles heeft zijn bestemde tijd. Dat is bevestigd nu het jaar 2018 is opgerold op de rol der eeuwen. Die tijd kunnen we niet meer overdoen, maar die tijd komt eenmaal terug voor Gods rechterstoel. In de gestelde tijd tussen wieg en graf roept God naar Zijn welbehagen de gemeente die eenmaal zalig wordt. De prediking mag doorgaan. Hoe lang wij in rust en vrede mogen opgaan onder de prediking weten we niet, maar de tijden zijn donker. De mens der zonde is onverdraagzaam. Omstandigheden kunnen drukken. David stelt in Psalm 31, dat hij ondanks alles zijn vertrouwen op de Heere stelt. Hij moet lijden. Hij kent zorgen en verdriet. Mensen staan tegen hem op. Ze negeren hem. Hij wordt heen en weer geslingerd. Het lijden is hem aan te zien, “want mijn leven is verteerd van droefenis, en mijn jaren van zuchten; mijn kracht is vervallen door mijn ongerechtigheid, en mijn beenderen zijn doorknaagt”. In dat alles keert David zich niet van de Heere af. Hij getuigt in deze psalm; “Maar ik vertrouw op U, o Heere”. Lezer(es), misschien zijn uw omstandigheden ook zwaar. Misschien vreest u de gevolgen van de ondertekening van de Nashville-verklaring. Mag u met David instemmen: Maar ik vertrouw op de Heere. Ondanks alles keer ik mij niet van God af.
    Wanneer David spreekt, “Ik zeg: Gij zijt mijn God”, dan betekent dat, hij niet moe wordt te herhalen, maar steeds blijft zeggen: “Gij zijt mijn God”.  Met nadruk belijdt David, dat hij met zijn hart vertrouwt en met zijn mond getuigt, dat hij maar één God heeft, die hij persoonlijk kent: Gij zijt mijn God. Dat is het geheim van het ware geloof. Met het hart volkomen verlaten op de enige ware God, Hem van ganser harte liefhebben en niet moe worden van Hem te getuigen. Juist temidden van de grootste benauwdheden, tegenheden en gevaren schenkt de Heere het ware geloof in beoefening. David zingt het uit, allen moeten het horen, dat zijn wederwaardigheden wel een zware beproeving voor hem zijn; de binnenpraters wel op de been zijn om hem van alles wijs te maken, maar luidkeels getuigt hij het tegendeel: Gij zijt mijn God. Dat is geen vrucht van David zelf, maar van de inkomsten van boven, van God uit de hemel. Alles van beneden drukt terneer, maar al het goede komt van boven, van God uit de hemel. Lezer(es) heeft u dat ook al ondervonden? Hoezeer satan probeert het vuur te blussen, de Heere houdt het vuur van de liefde tot Hem brandend door Zijn Geest. Daarom mag David zingen: Mijn tijden zijn in Uw hand. Daarmee belijdt hij, dat zijn leven en al zijn omstandigheden alleen afhangen van zijn God. Hij getuigt, dat zijn levensduur niet door zijn vijanden bepaald wordt, maar door de Heere op Wie hij vertrouwd. Lezer(es), dat is een rijk leven. Dan blijven de omstandigheden wel dezelfde, maar toch verandert alles. Als u mag zeggen, hoe het mij ook zou mogen gaan, ik weet dat het alles van U afhangt. Ik geloof, dat mijn God alles regeert, dan heeft u een rijk leven. Wij hebben de tijd ontvangen van de Heere. Die tijd behoren we terug te geven aan God. De één zegt: Dat maak ik zelf wel uit! Dat zegt David niet, maar “mijn tijden zijn in Uw hand”. Het is immers genadetijd! Die tijd gaat snel, gebruikt haar wel. David heeft het niet over vrije tijd. Hij zegt: “Mijn tijden”, dus ook zijn vrije tijd is in Gods hand. David wist waar zijn vrije tijd toe leidde. Hij was op het dak van zijn paleis, terwijl de legertroepen uittrokken, maar … dit leidde tot zijn zonde met Bathseba. Het ging dus niet goed met zijn vrije tijd. Hoe heeft u de vrije tijd doorgebracht rond de feestdagen? Heeft u de tijd uitgekocht? De tijd die u ontvangt, is genadetijd. Het is ontzettend, maar van nature verprutst u de tijd.
    “Mijn tijden zijn in Uw hand” zingt David. Het is hem een troost, dat hij de tijd van God ontvangen heeft.  David zingt temidden van zijn ellenden en benauwdheden, dat God van hem afweet. Ondanks zijn vijanden, zijn lijden, zijn eenzaamheid en openbare bespotting blijft Davids geloof in de Heere onwankelbaar. Dat is het ware, oprechte geloof: “In de grootste smarten blijven onze harten in den Heere gerust”. Over die tijden heeft David het ook, de tijden, die in Gods hand zijn. De Heere weet de maat en het einde van het lijden, en het geloof laat het alles in Gods milde handen, want Hij alleen weet wat goed is. Wat een heerlijke gedachte, lezer(es), zo lang het schild des geloofs in beoefening is, kan de strijd wel moeilijk zijn, maar dan zijn we veilig en staat de uitkomst vast. Het is een zekere overwinning in ons verlies. Zonder strijd geen overwinning, daarom staat zonder het ware geloof de uitkomst ook vast. David is behouden en dat niet in eigen kracht. Dat komt door Davids grote Zoon. Deze psalm wordt ook wel aangeduid met kruispsalm. Plaatsvervangend heeft Davids grote Zoon evenals psalm 22 getuigt geleden van kribbe tot kruis om door Zijn sterven te betalen voor doodschuldige zondaren, zoals David. Het ware geloof kan niet rusten buiten Christus en richt zich enkel op Hem. Daarom weet David het zeker in Psalm 31: “Gij zijt mijn God”. Het geloof is zo’n wonderlijk ding: een vaste grond der dingen die men hoopt en een bewijs der zaken, die men niet ziet. David is niet alleen een gelovige in tijden van voorspoed, want hij belijdt tijdens tegenspoed deze woorden: Mijn tijden zijn in Uw hand. In Die handen is uw leven veilig. Het zijn doorboorde handen. Die handen houden de hele wereld in bedwang. Hij heeft de hele wereld in Zijn handen, de kleine kinderen, ja alles.
    Geliefde lezer(es), u die in tegenspoed verkeert, ervaart u ook steun uit uw geloof? Bij de Heere zijn uitkomsten, ja uitkomsten tegen de dood. Het is Davids belijdenis, die hij uitjubelt in deze psalm: “Maar ik vertrouw op U, o Heere; ik zeg: Gij zijt mijn God”. Is dat uw strijd misschien, of het wel echt is, of het wel het echte, het ware geloof is? Dan vraag ik u, waar gaat uw hart naar uit? Al is het onder de as, maar dan verlangt u toch zelfs onder vrees, of de Heere het nog eens bekend maakt door Zijn Woord, dat uw tijden in Zijn hand zijn. Het ware geloof wordt gewerkt door Woord en Geest en wordt daar ook door onderhouden.
    Nee, David is geen speelbal van de tijdsomstandigheden. Het lijkt misschien zo, wanneer we zien op zijn vlucht voor koning Saul, zijn vlucht voor Absalom en om maar niet  te noemen het sterven van Uza bij het opvoeren van de ark des verbonds. David wordt door Gods voorzienigheid geleid. Dat is al heel groot, maar het grootste is, dat David gelooft. Hij gelooft, dat hij door Gods oneindig wijze voorzienigheid wordt geleid naar de eeuwige gemeenschap met de Heere. Daar, waar geen inwoner zal zeggen: ik ben ziek.

    In Uwe hand zijn mijne tijden;
    ‘k Verlaat mij in mijn leed
    Op U alleen, Die weet
    De maat en ’t einde van mijn lijden;
    Red mij van die verbolgen
    Ter dood toe mij vervolgen

    Ds. L.D.A. Hartevelt

     


    lees verder